Centraal Praktisch Examen

CPE 2019: Identiteit

Het Centraal Praktisch Examen bestaat uit een opdracht van 12 klokuren, die wordt gemaakt vanaf maart t/m april, en die uitgaat van een thema.

Het thema voor het CPE (Centraal Praktisch Examen) is ‘Identiteit‘.  Gun jezelf de voorbereiding die je nodig hebt en verwacht niet dat je direct een idee hebt voor je eindwerk.

CPE Programma

Het CPE bedraagt 12 klokuren, dit staat gelijk aan 16 lesuren. De opgaven van het CPE worden in twee delen uitgereikt.

De inroostering van het CPE :

  • Di 12 maart: 9e uur | uitdelen 2e deel / opdracht thema “identiteit”
  • Wo 13 maart: 7 t/m 8e uur | start CPE
  • Vrij 15 maart: 6 t/m 9e uur | werken aan CPE
  • Wo 20 maart: 6 t/m 9e uur | werken aan CPE
  • Vrij 22 maart: 8 t/m 9e uur | werken aan CPE
  • Wo 27 maart: 6 t/m 9e uur | Afronding CPE

Onderdeel A (breed orienteren)

Voor een brede oriëntatie en maak een moodboard of collage op A3 formaat. Focus jezelf nog niet teveel op één idee maar verzamel meerdere ideeën. Dus circa 3 tot 5 verschillende ideeën.

Onderdeel B (diepte onderzoek)

Nummer al je schetsen, printjes, materiaalproefjes op volgorde en per onderdeel. Maak schetsen en materiaalproefjes omdat ze iets toevoegen aan het geheel. Zorg voor diepgang. Als je bijvoorbeeld een boom wil tekenen voor het thema ‘De Stad’ waarin je een ontwerp gaat maken van een kunstwerk dan maak je minimaal 10 schetsen van  verschillende aanzichten van het kunstwerk, schetsen waarmee je bepaald details uitlicht en schetsen waarbij het kunstwerk in de stad zelf staat. Maak aantekeningen op je schetsen! Er mag op geschreven worden.

Onderdeel C (vaststellen ontwerp)

Lees goed de vragen en geef correct antwoord. Voorstelling: Wat is er te zien?. Vormgeving: Beeldende aspecten (ruimte, licht, vorm, kleur, compositie)

Onderdeel D (uitvoeren werkstuk)

Het maken van je definitieve werkstuk. Hou in de gaten dat je door je enthousiasme niet het thema van de opdracht vergeet.

Onderdeel E (analyseren / evalueren)

Analyseer je eigen werkstuk en dat van een mede-leerling. Lees net als bij onderdeel C goed de vragen en geef een toelichting als daar naar wordt gevraagd. Bij dit onderdeel is het belangrijk om goed nagedacht te hebben over je tekening en je idee. Vertel waarom jij hebt gekozen voor bepaalde aspecten (kleur, licht etc) waardoor jouw idee nog beter duidelijk is geworden. Licht je antwoord toe. Ook bij deze vragen verwerkt je de beeldende aspecten dus in je antwoord.

Twijfel je over je voorstelling / vormgeving antwoorden?

Lees tussen de lessen door nog eens goed deze pagina over Voorstelling en Vormgeving

Voorstelling/Vormgeving

Gaudi Tekenen